Kleinere veestapel, meer akkerbouw

Den Haag, 1 mei 2018 – De provincie Zuid-Holland moet meer doen om de overgang naar een duurzaam, plantaardig en gezond voedselsysteem te stimuleren. Dat kan door de veestapel te verkleinen en de biologische akkerbouw te ondersteunen. Daarvoor pleit de Partij voor de Dieren in navolging van een rapport van een belangrijk adviesorgaan van de regering. 

In het rapport ‘Duurzaam en gezond. Samen naar een houdbaar voedselsysteem’ adviseert de Raad voor de Leefomgeving en Infrastructuur (RLI) de veestapel te reduceren en minder vlees, zuivel en eieren te consumeren. De overgang naar meer plantaardig voedsel en een duurzamer en gezonder voedselsysteem is volgens de RLI nodig om de klimaatdoelen te halen, het milieu te ontzien en risico’s voor de volksgezondheid te minimaliseren. 

Naar aanleiding van dit advies pleit de Partij voor de Dieren in Zuid-Holland ervoor om de aanbevelingen uit het RLI-rapport om te zetten in provinciaal beleid. De provincie zou producenten en consumenten moeten ondersteunen in de overgang naar een plantaardig, duurzaam en gezond voedselsysteem. Dat kan door de (biologische) akkerbouw te stimuleren en de veestapel te verkleinen. De productie van plantaardige producten kan dan de grondstoffen voor de vlees- en zuivelconsumptie vervangen. 

Carla van Viegen, fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren in de Provinciale Staten van Zuid-Holland: ‘De provincie zou met het oog op de volksgezondheid meer bevoegdheden moeten krijgen om de veehouderij in Zuid-Holland te verkleinen. Ook zou de provincie meer geld kunnen uittrekken voor de sanering of bedrijfsbeëindiging van intensieve varkens- en melkveehouderijen’. 

In de huidige provinciale energie- en klimaatprogramma’s wordt niets gezegd over de rol die voedsel speelt bij de klimaatverandering. Van Viegen: ‘Het geeft een vertekend beeld als alleen de energietransitie wordt genoemd, terwijl de eiwittransitie minstens zo belangrijk is. De provincie zou daar veel meer aandacht aan moeten besteden, bijvoorbeeld door de introductie van een apart provinciaal voedselbeleid. Om het gesleep met voedsel te verminderen, moet ook de regionale afzet van plantaardige producten uit de provincie worden vergroot, evenals seizoensproducten van de volle grond’. 

Tenslotte zou Zuid-Holland onder het motto ‘verbeter de wereld, begin bij jezelf’ binnen de eigen organisatie plantaardig eten bewust kunnen stimuleren. Ook tijdens vergaderingen van Provinciale Staten zouden er vaker plantaardige producten kunnen worden verstrekt.