Bijdrage Koersdocument rijke groenblauwe leefomgeving

Evaluatie natuur- en recreatiebeleid afgelopen vier jaar

Tijdens de bespreking van het nieuwe koersdocument natuur en recreatie in de commissie Duurzame Ontwikkeling heb ik de gedeputeerde Han Weber gevraagd waarom er geen evaluatierapport met verbeterpunten beschikbaar is voor het gevoerde natuur- en recreatiebeleid van de afgelopen vijf jaar. De gedeputeerde antwoordde toen dat hij de landelijke evaluatie van het Planbureau voor de Leefomgeving uit 2015 en de Raad voor Leefomgeving en Infrastructuur uit 2016, samen met de jaarlijkse provinciale voortgangsrapportages groen voldoende acht.

De provincie heeft zelf een plannings- en controlcyclus vastgesteld waarbij niet alleen landelijk, maar ook specifiek het eigen provinciale beleid geëvalueerd wordt. Nu is er geen overall beeld van wat er nu wel en niet is gerealiseerd van het natuur- en recreatiebeleid van de afgelopen vijf jaar en of de doelstellingen zijn gehaald. Bovendien geven jaarlijkse voortgangsrapportages geen antwoord op de vraag hoe efficiënt en effectief het gevoerde beleid is geweest en wordt er geen oordeel gegeven over de resultaten, alleen feiten.

Zonder dat men zich afvraagt waarom, wordt er in het koersdocument vermeld dat het belangrijk is om voort te borduren op het bestaande beleid. Maar waarom dan, vraag ik me af? Ik vind het van groot belang dat de provincie reflecteert op haar eigen gevoerde beleid, ervan leert en verbeterpunten meeneemt naar toekomstig beleid.  

In het koersdocument staat: “De dynamiek in de samenleving vraagt om een alerte en lerende overheid die de externe energie en het oplossend vermogen van partners in beleid en uitvoering weet in te zetten.” Hoe kun je nu leren als je niet evalueert en leert van wat er wel en niet fout en goed is gegaan.

Overheden dienen bovendien transparant te zijn over hun activiteiten, doelen, ingezette middelen en moeten hiervoor verantwoording afleggen, welke effecten en neveneffecten het beleid heeft gehad. Evaluatie van overhedsbeleid is zelfs wettelijk vastgelegd.

De Partij voor de Dieren vindt het van groot belang dat de provincie een transparante en lerende organisatie is, de bereid is het eigen beleid tegen het licht te houden. Het is belangrijk dat het natuurbeleid dat deze zoner ter bespreking aan Provinciale Staten wordt voorgelegd helder wordt weergegeven welke ‘lessons learned’ worden mee genomen en op welke manier.

Ik dien een motie in met het volgende dictum:

‘een gerichte evaluatie inclusief verbeterpunten op het gevoerde natuur-, groen- en recreatiebeleid van 2013 – 2017’.

Dank u wel.