Bijdrage Kadernota/Voorjaarsnota 2017

Aan de orde is de Kadernota/Voorjaarsnota 2017. Ik zal bij de bespreking van de Kadernota nader ingaan op de voor ons belangrijke thema’s. Allereerst natuur.

Natuur

In het beleidsplan Groen is vastgesteld om de biodiversiteit te behouden en te versterken. De biodiversiteit staat nog steeds onder grote druk en het aantal boerenlandvogels neemt nog steeds af in plaats van toe. De PvdD vindt dat aanvullende maatregelen nodig zijn om het tij te keren. In de commissie Duurzame Ontwikkeling hebben we gesproken over de Bureau Beheer Landbouwgronden, de zogenaamde ´BBL gronden’, die in het bezit zijn van de provincie Zuid-Holland. De financiën die voortvloeien uit de verkoop van deze gronden worden ingezet voor natuurontwikkeling en nog niet verkochte gronden worden verpacht. De inmiddels verkochte BBL-gronden blijken een hogere opbrengst te hebben dan geraamd en dat biedt financiële ruimte om agrariërs de gelegenheid te geven om in samenwerking met terreinbeherende organisaties meer natuurinclusieve landbouw te ontwikkelen, wat kan bijdragen aan de provinciale natuurdoelstellingen met name op het gebied van toename van boerenlandvogels. We dienen hiervoor een motie in met als dictum:

Verzoeken het College van Gedeputeerde Staten:

een inventarisatie te maken welke Zuid-Hollandse BBL gronden in de nabije omgeving van het NNN-netwerk en Natura 2000-gebieden in Zuid-Holland in aanmerking (kunnen) komen voor natuurinclusieve landbouw met specifieke aandacht voor weidevogelnatuur en extensief, kruidenrijk weidevogelgrasland;
te inventariseren welke agrariërs interesse hebben in de hierboven voorgestelde constructie;
te inventariseren welke mogelijkheden er zijn voor samenwerking tussen agrariërs en terreinbeherende organisaties in de hierboven voorgestelde constructie;
deze inventarisatie voor 1 december 2017 aan Provinciale Staten te doen toekomen en;
in januari 2018 te bespreken in de commissie Duurzame Ontwikkeling.

Economie

De PvdD kan zich niet vinden in de verdubbeling van de economische lasten van 12 naar 24 miljoen euro vanwege de grote investeringen in de biobased economy, zijnde een niet-duurzame economische ontwikkeling. Ik zal uitleggen waarom. Het is en blijft een politieke keuze waar het geld aan uitgegeven wordt! Wij zouden graag zien dat het wordt uitgegeven voor een duurzame economische ontwikkeling die rekening houdt met de draagkracht van de aarde. De PvdD is het niet eens de verbranding van biomassa en met de investeringen in de chemiecluster, zoals Waste 2 Chemicals, omdat dit niet duurzaam is. Dat heb ik al uitgelegd tijdens de laatste PS vergadering.

Biobased economy

Bij de biobased-economie richt men zich er vooral op om biomassa aan te wenden voor energieproductie. Dan gaat het vooral om gewassen als maïs en suikerbieten, mest uit de vee-industrie, waardoor de enorme CO2 uitstoot uit deze bedrijfstak in stand wordt gehouden. Dat is niet duurzaam. Of om reststromen organisch afval uit landbouw of natuurterreinen. Er gaat veel energie in het maken van dat product. Daar wordt slechts een fractie uitgehaald voor nieuwe energie. Dat kost meer dan het oplevert.

Dan het voorstel voor de Redefinery: dit is een grootschalige bioraffinage waarin houtsoortige biomassa, wordt omgezet naar suikers en lignine voor industriële toepassingen. Er wordt zelfs het volgende over aangegeven op internet: ‘daarbij is de aanvoer, in dit geval van hout, verzekerd door de aanwezigheid van verschillende diepzeehavens. In de directe omgeving is immers veel te weinig hout.’ Grootschalige houtkap dus elders in de wereld en dat moeten we niet willen! Dat draagt niet bij aan klimaatakkoord en vermindering CO2. Er wordt dus in andere delen van de wereld hout gekapt om hier te gaan verwerken. Een verkeerd signaal dus.

De Wageningen Universiteit heeft onlangs in het programma De Monitor het volgende uitgelegd. Er worden verschillende processen gebruikt om de biomassa te oogsten en om te zetten. Dit kun je op een soort duurzaamheidsladder zetten, de zogenaamde  voedselgebruikladder. Geproduceerd voedsel moet in de eerste plaats worden geconsumeerd en niet worden weggegooid. Eénderde van ons geproduceerde voedsel wereldwijd wordt weggegooid en niet geconsumeerd. Door subsidie te verlenen voor biovergisting, grondstofproductie, kortom hergebruik voor de industrie wordt de prikkel om geproduceerd voedsel te consumeren in plaats van voor andere zaken te gebruiken juist weggehaald en worden er niet-duurzame prikkels gegeven met deze subsidieverlening.

Door middel van greenwashing proberen niet-duurzame en kapitaalkrachtige bedrijven geld los te weken bij overheidsinstanties (Dutch Sustainable Growth Coalition (DSGC)  is een coalitie van Nederlandse multinationals, hierin zijn bedrijven vertegenwoordigd), zoals Shell en Akzo Nobel, die vooralsnog niet veel aan energietransitie gedaan hebben en gewoon doorgaan op dezelfde manier met een groen sausje eroverheen: greenwashing. 

De subsidie zou erop gericht moeten zijn dat er minder voedsel wordt weggegooid. dus een hoger niveau op de voedselgebruik ladder. De PvdD kan dus niet instemmen met deze economische voorstellen.

Klimaat en gezonde leefomgeving

In Parijs is in 2015, ook door Nederland, het Klimaatakkoord ondertekend om de temperatuur op aarde met niet meer te laten stijgen dan 2°C,  bij voorkeur niet meer dan 1,5 graad, en hiervoor de CO2-uitstoot fors te verminderen. Daarop moet door Nederland en ook door Zuid-Holland sterk worden ingezet. De Partij voor de Dieren is blij dat door dit college wordt geïnvesteerd in de reductie van CO2, de vermindering van het gebruik van fossiele brandstoffen en het gebruik van schone, hernieuwbare energie. Er is echter nog een schone taak die voor ons klaar ligt. In 2015 was er al een meerderheid voor een motie om het Parijse klimaatakkoord uit te werken. December 2016 kwam de Raad van State met aanbevelingen op de initiatief-klimaatwet van PvdA en GroenLinks. Ook de SP, D66 en ChristenUnie hebben zich aangesloten bij het initiatief.

Het is tijd dat ook op provinciaal niveau een begin gemaakt wordt met de uitwerking van de landelijke klimaatwet en we dienen hiervoor een motie in waarin een aantal maatregelen worden voorgesteld om nader uit te werken, zoals een klimaatbegroting, een provinciaal klimaatoverzicht en deze ter goedkeuring aan Provinciale Staten te zenden.

Luchtkwaliteit

De provincie zet zich via diverse programma’s in voor de verbetering van luchtkwaliteit, maar uit rapportages blijkt dat de luchtkwaliteit in Zuid-Holland nog niet voldoet aan de wettelijke normen en dat zelfs de wettelijke normen meer vervuiling toelaten dat de normen die de Wereld Gezondheidsorganisatie heeft opgesteld voor stikstofdioxide, fijnstof en roet. Het verschil tussen uitstoot in de praktijk en WHO-norm wordt pas in 2018 gerapporteerd. We dienen als verbetervoorstel een motie in met als dictum:

verzoeken het College van Gedeputeerde Staten:

binnen het IPO zich hard te maken ook de WHO-normen op te nemen in luchtkwaliteitsrapportages;
vooruitlopend op de eerstvolgende luchtkwaliteitsrapportage kort de beleidsmogelijkheden te verkennen hoe de emissie van stikstofdioxide, fijnstof en roet te verminderen.

Kolencentrale

Nederland heeft het klimaatverdrag van Parijs mede ondertekend en de CO2 uitstoot moet de komende jaren fors naar beneden. Kolencentrales dragen in hoge mate bij aan de CO2 uitstoot en het College kan maatregelen nemen. Het College is via het IPO vertegenwoordigd in  de adviesgroep van Economische Zaken die een Rijksadvies voorbereidt ter uitvoering van de motie ‘uitfasering steenkoolcentrales’ (motie Van Veldhoven) en nemen deel in het ‘Rotterdam Climate Initiative’. Om de CO2 te verminderen is het sluiten van kolencentrales een effectieve maatregel. We dienen een motie in met als dictum:

verzoeken Gedeputeerde Staten:

als deelnemer in het overleg ter uitwerking van de motie Van Veldhoven te stimuleren dat de uitfasering van de kolencentrales een hogere prioriteit krijgt.

Politiek met (com)passie

We hebben afgelopen maand een aantal faunabeheerplannen vastgesteld. Het doden van dieren is een maatschappelijk en ethisch onderwerp dat terecht emoties oproept bij mensen.

Dieren zijn levende wezens met bewustzijn en gevoel. Ze nemen, net als wij mensen, hun omgeving waar met hun zintuigen, hebben net als wij, families om voor te zorgen, kennen net als wij angst, vreugde, tederheid en blijdschap, voelen pijn en verdriet. Als we ons daarvan bewust zijn, zullen we om ze geven en onze verantwoordelijkheid nemen om voor ze te zorgen en zullen we ze helpen. Aandacht en respect zijn waardevolle actuele waarden, die ook gelden voor de omgang met de dieren en met de levende natuur. Wij zijn verbonden met elkaar en aangewezen op elkaar; er is sprake van een wederkerige reactie. Als het slecht gaat met het leven van dieren en met onze aarde, zal het uiteindelijk ook slecht gaan met het leven van ons, mensen. En het gaat niet goed. Daarom zullen we Plan B moeten volgen omdat er geen Planeet B is. Al het leven verdient onze respectvolle aandacht, onze zorgzaamheid, onze verantwoordelijkheid. Daarom mogen wij onze aarde, onze planeet, onze enige leefbare plek waar we het allemaal mee moeten doen, niet uitbuiten, misbruiken en ruïneren. Dat  heeft consequenties voor ons alledaagse leven: voor hoe wij omgaan met huisdieren en met hoe wij eten en consumeren, maar ook hoe we in de politiek omgaan met in het wild levende dieren en met de natuur. Waardig omgaan met het leven behoort tot de omgangsvormen die met respect en beschaving te maken hebben. Want ook onze kinderen en kleinkinderen en huidige en toekomstige dierengeneraties hebben recht op een waardig leven.

Een poosje geleden werd onze aandacht gevestigd op een aankondiging van een provinciale bijeenkomst met als titel ‘Faunabeheer zonder emotie’. Los van het onderwerp werd onze aandacht vooral getrokken door de woorden ‘zonder emotie’. Een documentaire van Joris Luyendijk wees uit dat de top in de bancaire sector vooral inhoudelijke beslissingen nam vanuit de ratio/verstand en zonder emotie en gevoel.  De gevolgen ervan hebben we allemaal meegemaakt, in de vorm van diverse crises en hopelijk wordt ervan geleerd. Er leven in de samenleving, zowel individueel als collectief, emoties als boosheid, angst, verdriet en blijdschap. Emoties en onderliggende gevoelens in de samenleving dragen belangrijke boodschappen en informatie met zich mee. Die kunnen en mogen we niet negeren!  Emoties en gevoel  (het ‘hart’) zijn een fundamenteel onderdeel van ons menszijn, maar spelen ook in de politiek een belangrijke rol. In de westerse samenleving wordt de ratio, het verstand, overgewaardeerd. Maar als verstand, emotie en gevoel met elkaar verbonden zijn, kan het niet anders dan dat er compassie is met onze omgeving, met mensen en dieren in nood en door hulp te bieden als dat nodig is. Compassie met onze medeschepselen en de natuur zijn onze politieke ‘wapens’, waarmee we antwoord kunnen vinden op de huidige politieke vraagstukken. En met deze ´wapens´ zullen we blijven strijden voor onze idealen!