Overlast ganzen bestrijden door scha­de­ver­min­dering centraal te stellen


18 september 2014

Den Haag, 18 september 2014 – De overlast die ganzen veroorzaken moet niet bestreden worden door ze massaal te doden, maar door de schade die ze kunnen veroorzaken als uitgangspunt te nemen. Dat kan door bepaalde gebieden zo aantrekkelijk te maken voor de ganzen en effectieve verjaging toe te passen in productiegebieden, dat ze wegblijven van landbouwgewassen. Dat stelt de Partij voor de Dieren in Zuid-Holland voor.

De populatie ganzen in Zuid-Holland is de laatste decennia sterk toegenomen, van circa 55.000 ganzen in 2005 tot circa 150.000 in 2012. In Zuid-Holland is er een overvloed aan eten in de vorm van steeds eiwitrijker wordende gewassen en gras op landbouwgronden.

De provincie en de landbouw- en natuurorganisaties willen de schade aanpakken door in te zetten op sterke aantalsreductie van ganzen. Deze ganzen worden daarom nu massaal afgeschoten, letterlijk de nek omgedraaid of vergast. De Partij voor de Dieren in Zuid-Holland stelt dat deze wrede dodingsmethoden leiden tot veel dierenleed. De partij constateert dat er steeds meer en massaal ganzen worden gedood en dat tegelijkertijd de schade nog steeds toeneemt. Niet het gevolg, maar de oorzaak moet daarom aangepakt worden: de steeds intensievere landbouw met zeer eiwitrijke gewassen voor koeien, die een ‘tafeltje dekje’ vormen voor de ganzen.

De partij verwijst naar de gang van zaken in Flevoland. In verhouding, als wordt gecorrigeerd voor de landoppervlakte, telt Zuid-Holland in de zomer dubbel zo veel ganzen als Flevoland. Maar in Zuid-Holland worden niet twee keer, maar 53 keer zo veel ganzen afgeschoten als in Flevoland, terwijl in Flevoland minder schade is, en daar verhoudingsgewijs tegelijkertijd veel minder ganzen worden gedood! In Zuid-Holland neemt de schade die de ganzen veroorzaken toe, terwijl er steeds méér ganzen worden gedood. De enorme afschot zorgt voor een hogere reproductiesnelheid.

Daar komt nog bij dat de provincie op grond van de Flora- en faunawet als taak heeft om in het wild levende dieren en planten te beschermen. Het massaal doden van ganzen is daarmee in flagrante tegenspraak. Fractievoorzitter van de Partij voor de Dieren in Provinciale Staten, Carla van Viegen: “Dit beleid is symptoombestrijding en brengt de natuur geheel uit balans. In plaats van de natuur als bondgenoot te zien, wordt die bestempeld als vijand die je moet overwinnen. We kunnen ons beter afvragen waarom dit zo is ontstaan, daarvan leren en gerichte diervriendelijke en duurzame maatregelen te nemen”.

De Partij voor de Dieren stelt daarom voor dat Zuid-Holland in Flevoland gaat kijken hoe daar de overlast van ganzen wordt aangepakt. Ook het zogeheten Ganzenbeleidskader zou moeten worden aangepast dat niet het reduceren van de aantallen ganzen, maar verminderen van de schade het uitgangspunt is bij het terugdringen van de schade door ganzen. Gedeputeerde Staten hebben dit toegezegd.

Verder hebben Gedeputeerde Staten toegezegd om tweejaarlijks een tussenevaluatie te houden waarbij de effecten van het gevoerde beleid worden geëvalueerd.