Schrif­te­lijke vragen provin­ciale natuur in de uitverkoop


Indiendatum: mei 2016

SCHRIFTELIJKE VRAGEN

Datum : 23 mei 2016

Onderwerp : Schriftelijke vragen provinciale natuur in de uitverkoop

__________________________________________________________________________

Toelichting

De onderstaande vermelde percelen maken deel uit van het Natuurnetwerk Nederland (NNN netwerk) en zijn in eigendom en beheer van de provincie Zuid-Holland. De provincie heeft deze natuurgebieden te koop gezet.[1]

- De Berkelse Zweth, gelegen in de gemeenten en Lansingerland, Pijnacker-Nootdorp en Rotterdam, 5 hectare groot groengebied met water, bos en graslanden;

- Ackerdijk-Midden, Rotterdamseweg, gemeente Midden Delfland, 9 ha weidevogelgrasland;

- Keenwetering, Schipluiden, gemeente Midden Delfland, 9 ha weidevogelgrasland;

- Aalkeet-Buitenpolder gemeente Midden-Delfland, 5 hectare weidevogelgrasland;

- Wolvenpolder, Nissewaard, 40 ha natuurgebied met water, moeras en graslanden.

Naar aanleiding hiervan wil de Partij voor de Dieren de volgende vragen aan u voorleggen.

Vragen

1) Zijn GS van plan om alle Zuid-Hollandse NNN-gronden te gaan verkopen, die eigendom zijn van de provincie Zuid-Holland? Zo ja, waarom en welke zijn deze gronden?

2) Zo nee, welke gronden wil de provincie mogelijk nog meer gaan verkopen?

3) Waarom ziet de provincie het in eigendom en in beheer hebben van het Natuurnetwerk Nederland niet meer als kerntaak?

4) Wat zien GS nog wel als kerntaak op het gebied van natuur en natuurontwikkeling?

5) Waarom kiezen GS voor verkoop van natuurgebieden, waardoor de provincie zelf minder zeggenschap heeft over de wettelijke kerntaak natuur?

6) Hoe is dit in de andere provincies geregeld? Zien andere provincies dit ook niet meer als kerntaak? Kunt u dit per provincie specificeren?

7) Wat zijn de kosten van deze verkoop en hoeveel uren worden hier door ambtenaren aan besteed?

8) Hoeveel inschrijvingen zijn er tot nu toe voor deze gebieden, gespecificeerd per gebied?

9) Hoe wordt gehandhaafd, ook op de langere termijn, of in deze gebieden wordt voldaan aan de voorwaarden die aan de verkoop zijn gesteld, die het behalen van de kwalitatieve natuurverplichtingen moeten borgen?

10) Wanneer grijpt de provincie in als het fout gaat en moet de nieuwe eigenaar de grond dan weer teruggeven? Of wat zijn de consequenties?

11) Welke eisen stellen GS aan beheer en inrichting teneinde de natuurdoelen te halen en hoe wordt dit helder en transparant gemaakt?

12) Gaat het hier om een inspanningsverplichting of een resultaatverplichting?

13) Natuur is van ons allemaal; natuurontwikkeling en natuurbeheer dient een groot algemeen maatschappelijk belang. Als gronden met een belangrijk publiek belang worden overgedragen aan een private partij, is het risico aanwezig dat niet het publieke belang, maar het private en commerciële belang leidend zijn. Wat is het standpunt van GS ten aanzien van deze marktwerking?

14) Welk belang zou een private partij volgens u hebben bij het kopen van natuurgrond als er geen commerciële prikkels zijn?

15) Welke mogelijkheden cq. instrumenten heeft de provincie na verkoop nog in handen om in te grijpen als niet wordt voldaan aan de natuurdoelen of aan de gestelde voorwaarden?

16) Het in eigendom hebben van grond is een sterk middel om te sturen op het gebruik van de grond. In hoeverre brengt de verkoop van de genoemde gronden het risico met zich mee dat de toekomstige eigenaar op deze gronden activiteiten onderneemt wanneer dit zou passen binnen het bestemmingsplan en een aantasting van de wezenlijke kenmerken en waardenmet betrekking tot de NNN niet aangetoond kan worden?

17) Worden de kopers van bovengenoemde gronden automatisch ook de beheerders? Of kunnen de kopers desgewenst een derde partij als beheerder inschakelen?

18) Het is aannemelijk dat hoe meer grond één terreinbeheerder in een regio bezit, hoe efficiënter deze het beheer zal kunnen uitvoeren. En hoe effectiever dit beheer is doordat het beheer van verschillende terreinen binnen een gebied op elkaar afgestemd kan worden. Is het juist dat met uw strategie van het verkopen van NNN gebieden de versnippering van het beheer fors toe kan nemen? Zo nee, waarom niet?

19) In hoeverre draagt versnippering van eigendom en beheer volgens u bij aan het vergroten van de efficiëntie en effectiviteit van het natuurbeheer (en daarmee aan het terugdringen van de achteruitgang van de biodiversiteit)?

20) Wat gaat er gebeuren als gronden niet worden verkocht?

21) Wordt in lijn met de ecologische infrastructuur het eigendom en beheer van provinciale asfaltwegen ook afgestoten en niet meer als kerntaak gezien? Zo nee, waarom niet?

22) Wat gaat er gebeuren met de financiële opbrengsten?

23) Gaat er na verloop van tijd een evaluatie plaatsvinden van (het beleid t.a.v.) de verkoop van NNN gronden? Zo nee, waarom niet? Zo ja, kunnen PS de bevindingen van deze evaluatie ontvangen?

A.H.K. van Viegen

Fractievoorzitter Partij voor de Dieren

Provinciale Staten Zuid-Holland

[1] http://www.zuid-holland.nl/kaart/nieuws/@13475/provincie-verkoopt-5/

Indiendatum: mei 2016
Antwoorddatum: 24 mei 2016

Klik hier voor de antwoorden.

Interessant voor jou

Rondvraag vergassen ganzen

Lees verder

Schriftelijke vragen hoger beroep tegen rechterlijke uitspraak om nek breken

Lees verder

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer