Bijdrage afscho­t­ont­heffing knob­bel­zwanen


19 mei 2016

Allereerst dank aan de gedeputeerde voor de beantwoording van de vragen over het doden van knobbelzwanen.

Onderschatting aantal gedode zwanen

Er wordt aangegeven dat er een onderschatting is van de schade, maar dit is ook zeker het geval bij het aantal gedode zwanen. Niet alle gedode zwanen worden gemeld en de registratie is niet sluitend en controleerbaar. Ik kom hier later nog op terug met verbetervoorstellen.

Geen transparantie ontheffingverlening

Er zijn nu vier lagen en schijven in de ontheffingverlening en dat maakt het bureaucratisch en ondoorzichtig: provincie, FBE, WBE, en uiteindelijk de jager. Dit maakt het gebruik van een ontheffing niet transparant en goed controleerbaar. Graag een reactie van de gedeputeerde welke mogelijkheden hij ziet voor meer transparantie.

Intensivering toezicht en handhaving en samenwerking

Op zich is het mooi dat een aantal voorwaarden in de ontheffingverlening wordt aangescherpt. Zo moet er een groep van minimaal 15 zwanen zijn alvorens er mag worden geschoten. Op zich is dit een verbetering ten opzichte van de oude ontheffing, maar wie gaat dit controleren en handhaven, zeker gezien de beperkte capaciteit? Dat is onmogelijk, alleen op heterdaad. Jagers komen hier altijd mee weg, ook als er geen groepjes van 15 zwanen zitten.

Zo wordt er nu ook voorgesteld om niet meer te schieten op broedende zwanen, die op hun nest zitten. Jagers zijn inderdaad zo wreed om broedende dieren gewoon van hun nest te schieten. En dat gebeurt helaas vaak genoeg in de Krimpenerwaard. Er is nagenoeg geen broedpaar meer over in het open veld. Alles is doodgeschoten. Op een willekeurige zaterdagmorgen verspreiden meer dan 50 jagers zich over het veld en schieten alle aanwezige zwanen dood. Of er nu wel of geen schade is, doet niet ter zake. Zelfs uit Groningen komen jagers hier hun hobby, het doden van dieren, uitoefenen. Dat zegt m.i. genoeg.

Je kunt voorwaarden en regels stellen wat je wilt, maar als hier geen toezicht op wordt gehouden en niet wordt gehandhaafd, heeft het geen zin. Jagers zullen gewoon hun eigen gang blijven gaan en doorgaan met overtredingen plegen op de ontheffing. Dat is inmiddels wel overduidelijk gebleken. De provinciale groene handhavingscapaciteit moet echt worden geïntensiveerd! Er moeten meer handhavers bijkomen!

Ook de samenwerking tussen politie en de BOA’s groene handhaving van de provincie moet worden geïntensiveerd. De meldingen waar en wanneer er gejaagd wordt, moeten door de afdeling Groene Handhaving van de provincie ook worden doorgegeven aan de politie, zodat zij goed op de hoogte zijn en blijven.

Periode van toegestaan afschot

Nu mag er jaarlijks van 15 november tot 31 mei op zwanen worden gejaagd. In ieder geval zou deze periode ingekort moeten worden tot eind februari i.v.m broedende zwanen en verstoring van andere beschermde broedende watervogels. Graag een reactie van de gedeputeerde.

Geen afschot maar preventieve middelen en aanpak oorzaken

De Partij voor de Dieren wil dat de zwanenjacht helemaal wordt gestopt. Het veroorzaakt heel veel dierenleed en er is nagenoeg geen schade. In 2014 en 2015 was er jaarlijks slechts 3 maal een melding van schade van meer dan 250 euro. En daar moeten duizenden zwanen het leven voor laten.

De Partij voor de Dieren ziet graag dat de verleende ontheffing wordt ingetrokken en dat er wordt ingezet op middelen zonder afschot, zoals de inzet van preventieve middelen en het inzetten op minder eiwitrijk grasland

De Wageningen Universiteit[1] concludeert in een recent verschenen wetenschappelijk rapport over zwanendriften dat er geen sprake is van toename van het aantal zwanen en adviseert geen afschot maar het bewerken van nesten. Is de gedeputeerde bereid om dit wetenschappelijk onderbouwde advies nog eens goed te bestuderen en te bezien of dit kan leiden tot andere provinciale besluitvorming?

GS doen aan aantal voorstellen voor aanscherping van de ontheffing, maar de Partij voor de Dieren heeft meer aan te merken op de verleende ontheffing.

Dierenwelzijn

Zo staat er niets vermeld over dierenwelzijn. De provincie moet de voorwaarde opnemen om de ontheffing in te trekken als de Flora- en faunawet wordt overtreden (Artikel 80 van de wet). Hier maakt de provincie echter geen gebruik van en verwijst naar de politie. Na een gesprek met de verantwoordelijke landelijke politiechef blijkt dat de politie er 0 procent prioriteit aan geeft en ook niet de benodigde kennis in huis heeft, een enkele uitzondering daargelaten.

Het kan en mag niet zo zijn dat de provincie ontheffingen verleent en bij ontheffingverlening enkel verwijst naar de politie als de Flora- en faunawet wordt overtreden. De provincie mag dit niet afschuiven en zal en moet hier haar eigen verantwoordelijkheid in nemen en dat kan zeker!

De Partij voor de Dieren stelt voor om minimaal de volgende voorwaarden op te stellen bij de ontheffingverlening, zoals in andere provincies ook wordt gedaan, zodat de controle en transparantie wordt verbeterd.

Dierenwelzijn en bescherming dieren

Onnodig lijden dient ten allen tijde te worden voorkomen. Een aangeschoten dier dient zo snel mogelijk met een tweede of zo nodig meer schoten uit zijn lijden verlost te worden.
Het is verboden om te schieten bij te weinig bevedering, maar dit gebeurt wel door nog geleewiekte zwanen te schieten. Deze dieren kunnen niet vliegen.
Afschot van zwanen mag alleen plaatsvinden ter ondersteuning van verjaagacties en mag geen doel op zich zijn.
Het schieten van broedende paartjes, dus ook de mannelijke zwaan en ouderparen met hun niet vliegvlugge jongen, wordt niet toegestaan. Dat is in ZH niet opgenomen. Daar gaat het alleen om broedende zwanen.
Groepen gemengd met soorten waarvoor geen ontheffing is verleend (zoals bijvoorbeeld kleine zwaan, wilde zwaan, beschermde ganzen en andere watervogels) moeten met rust gelaten worden. Dan mag er dus niet geschoten worden. Jagers kennen vaak het verschil niet tussen een knobbelzwaan en een kleine zwaan, die zwaar beschermd is.
Er zou niet geschoten mogen worden op een afstand van meer dan 35 meter, anders te veel dierenleed en teveel kans op aanschieten waarbij dieren gewond en verminkt nog doorvliegen en na veel leed uiteindelijk overlijden.
Bij het bewerken van eieren adviseert de Wageningen Universiteit om één zwanenei ongemoeid te laten om toename van reproductie te voorkomen. Ook niet later bewerken dan tot eind april. De foetussen zijn dan al te groot en brengt veel dierenleed met zich mee.

Strafbare feiten Flora- en faunawet

In de voorwaarden voor de ontheffing moet komen te staan dat de ontheffing wordt ingetrokken/gewijzigd of opgeschort op grond van de criteria genoemd in artikel 80 van de Flora- en faunawet (bij strafbare feiten F&F wet) of bij bijzondere weersomstandigheden.
De Faunabeheereenheid is bevoegd om de ontheffing om te zetten in machtigingen aan deelnemers; zijnde grondgebruikers en jagers. De FBE blijft als houder van de ontheffing in eerste instantie verantwoordelijk voor het rechtmatig gebruik van de ontheffing door gemachtigden en naleven van de voorschriften waaronder de ontheffing is verleend en trekt de machtiging in zodra er sprake is van een vermoeden van strafbare feiten door gemachtigden, dan wel een veroordeling voor strafbare feiten.
De Faunabeheereenheid draagt er, via de WBE, zorg voor dat een machtiging wordt ingetrokken indien vaststaat of redelijkerwijze aannemelijk is dat de gemachtigde één of meer handelingen heeft verricht die strijdig zijn met verplichtingen die bij of krachtens de Flora- en faunawet voor hem gelden en ook als de persoon als verdachte wordt aangemerkt. (Van deze redelijke aannemelijkheid is sprake bij omstandigheden waaruit ook een redelijk vermoeden als bedoeld in artikel 27 van het Wetboek van Strafvordering zou zijn af te leiden, maar in ieder geval niet enkel op basis van informatie, meldingen of aangiften van personen waarvan vaststaat of aannemelijk is dat zij behoren tot één belangenorganisatie of tot gerelateerde belangenorganisaties).
Op verzoek van de FBE daartoe dient een door een Wildbeheereenheid verstrekte machtiging of verleende toestemming voor het gebruik van de ontheffing terstond te worden ingetrokken. Deze intrekking dient te geschieden door de betreffende grondgebruiker en jachtaktehouder of persoon aan wie de toestemming is verleend hiervan schriftelijk op de hoogte te stellen.
Ingevolge de nieuwe Natuurwet kan de verordening deze eisen stellen aan de Wildbeheereenheden (WBE‘s). (De leden van de WBE voeren provinciaal beleid uit en dienen zich te onthouden van gedragingen die in strijd zijn met de wet. Indien een uitvoerder betrapt is op het overtreden van de wet dient hem of haar het lidmaatschap te worden ontzegd. Op deze wijze voorkomt de provincie dat stropers of dierenmishandelaars ondanks geconstateerde overtredingen gebruik kunnen maken van provinciale ontheffingen, aanwijzingen of vrijstellingen).
Ook indien in strijd met de voorwaarden van de ontheffing wordt gehandeld, wordt de machtiging ingetrokken.
Het niet conform de voorwaarde uitvoeren van een machtiging is een overtreding van de Flora- en faunawet en daarmee een economisch delict. Overtredingen worden gemeld bij de dienst Regelingen van het Ministerie van ELI en de afdeling bijzondere wetten van de politie binnen het werkgebied.

Maximum aantal jagers per jachtveld

De ontheffinghouder, in dit geval de FBE, mag dus het gebruik van de ontheffing schriftelijk toestaan aan individuele uitvoerders en wildbeheereenheden en ook zij kunnen de ontheffing weer onbeperkt doorschrijven aan andere jagers. In de Krimpenerwaard komt het regelmatig voor dat groepjes van meer dan 50 jagers op zaterdagmorgen het veld ingaan en massaal zwanen neerschieten. Broedende zwanen worden van hun nest geschoten of het mannetje wordt neergehaald terwijl haar partner aan het broeden is. Het is alarmerend: er zijn nagenoeg geen zwanennesten meer in de Krimpenerwaard, enkel nog op particulier terrein 1 of 2.

Er moet paal en perk gesteld worden aan de kwaliteit en het aantal jagers per jachtveld. Er worden alleen jagers toegestaan, die zich aangesloten hebben bij een jagersvereniging zodat interne controle en maatregelen door de organisatie mogelijk blijft. Alleen de jachtaktehouders die vermeld zijn in het register van de WBE’s mogen van deze ontheffing gebruik maken. Zo wordt trofeejacht tegengegaan. Dit digitaal register is permanent door medewerkers van de provincie Zuid-Holland inzichtelijk. Ze mogen zich door maximaal één jachtaktehouder, die ook gebruik mag maken van de ontheffing, laten vergezellen. Zo kan er gericht toezicht gehouden worden en kan de provincie grenzen stellen aan het aantal jagers en ingrijpen als jagers hun boekje te buiten gaan. Dit is geen taak voor de politie, maar voor de provincie zelf, die de ontheffing verleent!

Plaatsen waar gejaagd mag worden

De plaatsen waar gejaagd mag worden, moeten beter afgebakend worden, zoals:

alleen jagen op percelen voor gras en wintertarwe;
niet meer langs fietspaden in het kader van verkeersveiligheid, want dieren kunnen door dierenambulances prima worden verplaatst naar een veiliger plek;
verder zou afschot alleen mogen plaatsvinden op de schadepercelen en direct aangrenzende percelen.

Graag hoor ik van de gedeputeerde of hij bereid is om de ontheffing ook op dit punt aan te scherpen.

De Partij voor de Dieren adviseert om de volgende voorwaarden over preventieve en administratieve maatregelen op te nemen in de voorwaarden voor de ontheffing:

Preventieve maatregelen

De FBE verleent de machtiging onder de voorwaarden, die gelden volgens de Handreiking Faunaschade. Op dit moment eist het Faunafonds om voor tegemoetkoming in aanmerking te komen twee preventieve middelen, waarvan één zichtbaar op het perceel, aanwezig en moeten op een doelmatige wijze in werking gehouden worden, gedurende de looptijd van de machtiging. Alvorens gericht wordt geschoten wordt eerst een waarschuwingsschot gelost.
Afschot mag alleen plaatsvinden ter ondersteuning van verjaagacties.

Instructies gebruik ontheffing

De Faunabeheereenheid draagt zorg voor instructie van iedere ontheffing gebruiker over aard en de omvang van de ontheffing, waaronder de verplichtingen en beperkingen voortvloeiend uit de voorschriften bij de ontheffing.
De Faunabeheereenheid draagt er zorg voor dat iedere ontheffinggebruiker kan beschikken over een schriftelijke weergave van de specifieke voorschriften die voor gemachtigden zijn opgenomen bij de ontheffing.
Gegevens van ringen en/of halsbanden die worden aangetroffen op gedode knobbelzwanen moeten met opgave van plaats en datum van afschot worden doorgegeven aan het Vogeltrekstation Arnhem.
De uitvoerder van de actie dient tijdens de uitvoering hiervan de gebruikersmachtiging bij zich te dragen evenals een schriftelijke. gedagtekende en ondertekende verklaring van de grondgebruiker, waarin deze toestemming verleent tot schadebestrijding op zijn grond en dit op eerste vordering van een daartoe bevoegde ambtenaar ter inzage te geven.

Meldingen vooraf

In Zuid-Holland is het nu toegestaan om een jachtactie te melden voor gelijk een hele week in plaats van per jachtactie. Zo is er in het geheel geen toezicht en handhaving meer mogelijk door de groene handhavers en de politie. Jagers hebben op deze manier vrij spel voor hun hobby. Daarom stelt de PvdD de volgende voorwaarden in de ontheffingverlening voor:

Het gebruik van de ontheffing mag niet eerder plaatsvinden dan nadat de ontheffinghouder bij de eerste actie op het betreffende schadeperceel hiervan 24 uur van te voren melding heeft gedaan onder vermelding van naam en telefoonnummer faunabeheerder, perceelnummer volgens de meest recente kavelkaart, tljdstip(pen), uitgevoerde preventieve maatregelen en aard van voorgenomen handelingen.
Voor vervolgacties, die na een week na de eerste actie worden uitgevoerd, dient opnieuw een melding gedaan te worden.

Melden afschot achteraf

In Zuid-Holland mag 3 maanden worden gewacht om te melden hoeveel dieren er zijn geschoten. In andere provincies varieert dit tijdstip van melden binnen 24 uur tot maximaal 2 weken en zeker niet na 3 maanden. Controle wordt zo wel erg moeilijk.

Daarom stelt de PvdD voor om de volgende voorwaarde in de ontheffingverlening op te nemen:

De persoon die gebruik maakt van deze ontheffing rapporteert de resultaten

hiervan uiterlijk 24 uur hierna middels een digitaal registratie systeem. Het aantal gedode dieren wordt vermeld, maar ook op welke plek zich de nesten bevonden.

a. De verplichting tot rapporteren geldt ook indien het gebruik van de ontheffing geen resultaat heeft gehad.

b. Bij het in gebreke blijven van de rapportageverplichting wordt de toestemming tot gebruik van de ontheffing automatisch opgeschort.

Volksgezondheid

De Partij voor de Dieren wil in het belang van de volksgezondheid dat gedode dieren en eieren niet voor handelsdoeleinden worden gebruikt. Voor zover ze niet in eigen bezit worden gehouden of voor eigen consumptie worden aangewend, o.a. ter voorkoming van verspreiding van ziekten dienen ze zo spoedig mogelijk te worden opgeruimd en vernietigd of voor destructie te worden aangeboden.

Registratie door de Faunabeheereenheid

De Partij voor de Dieren heeft de volgende verbetervoorstellen

De machtiging tot uitvoering aan een persoon of de weigering daarvan wordt op dezelfde dag (digitaal) doorgegeven aan de afdeling Groene Handhaving van de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid
De grondgebruiker moet altijd (mede) ondertekend hebben voor het gebruik van de ontheffing. Met de handtekening van de grondgebruiker wordt deze verantwoordelijk voor het plaatsen van preventieve middelen. Formulieren zonder deze handtekeningen zijn niet rechtsgeldig.
De Faunabeheereenheid zorgt voor registratie van de door of namens haar gemachtigde personen voorafgaand aan het feitelijk gebruik van de ontheffing.
De FBE zorgt voor een sluitend register met naam adres woonplaats van elke door of namens haar gemachtigde eindgebruiker.

(De Faunabeheereenheid zorgt voor registratie van de op grond van deze ontheffing uitgevoerde handelingen. bewaard in het register waarin de informatie is geregistreerd. Het register wordt bijgehouden met vermelding van naam-, adres- en woonplaats gegevens van elke door of namens haar gemachtigde eindgebruiker.

In de melding binnen 24 uur wordt in ieder geval vermeld:

a. de uitgevoerde toegestane handeling;

b. het tijdstip waarop de toegestane handeling is verricht;

c. de locatie waar de toegestane handeling is verricht;

d. het doel waarvoor de toegestane handeling heeft plaatsgevonden;

e. de naam van de ontheffinggebruiker die de toegestane handeling heeft verricht.

Deze gegevens worden zo snel mogelijk ingevoerd in het provinciale digitale fauna registratiesysteem.
De Faunabeheereenheid bewaart het register op een locatie waar een toezichthouder inzage kan nemen van deze registers.
De Faunabeheereenheid draagt er zorg voor dat deze tenminste gedurende vijf jaar na registratie van de informatie wordt bewaard.
De FBE houdt in het Faunaregistratiesysteem (FRS) bij, per WBE, welke machtigingen verleend en ingetrokken zijn.

Populatiebeheer

In de beantwoording op onze vragen geeft u aan: De kaders die wij voor de ontheffing meegeven zetten in op een goed, gezond populatiebeheer waarbij belangrijke schade (>€250,- per schadegeval) dient te worden tegengegaan, zonder dat de gunstige staat van instandhouding in het geding komt. De kaders die gelden voor het opstellen van de faunabeheerplannen bestaan daarnaast uit de geldende wetgeving en de jurisprudentie.

Een ontheffing mag alleen verleend worden bij belangrijke schade. Dus de schade is leidend en niet het aantal dieren. Waarom kiest het College voor populatiebeheer en tot hoever wil de gedeputeerde de zwanenstand terugbrengen en is er sprake van populatiebeheer? Populatiebeheer is namelijk pertinent niet toegestaan op grond van de wet: artikel 4 van het Besluit Beheer en schadebestrijding dieren. Dit is alleen toegestaan voor de diersoorten edelhert, ree, damhert en wild zwijn. De provincie handelt hiermee in strijd met de wet. Graag een reactie van de gedeputeerde.

Milieutelefoon

De milieutelefoon, waar meldingen voor overtredingen van gebruik van de ontheffing en andere overtredingen van de Flora- en faunawet kunnen worden gemeld is slecht bereikbaar. Als er al iemand een melding doet, duurt het zeer lang eer er iemand aanwezig is en dan is het leed al geleden en valt er niet meer te controleren wat er is gebeurd.

Schieten met hagel of kogel

De meningen zijn verdeeld: wat geeft meer dierenleed: schieten met hagel- of kogelgeweer: er is nader onderzoek nodig naar de gevolgen voor het dier en dierenleed! Ids de gedeputeerde bereid het Faunafonds hier nader onderzoek naar te laten doen?

Toelichting artikel 4 Besluit Beheer en schadebestrijding dieren

Ingevolge artikel 68, eerste lid, onderdeel e, van de wet, zijn aangewezen:

e. het reguleren van de populatieomvang van dieren, behorende tot de diersoorten edelhert, ree, damhert of wild zwijn, met dien verstande dat vanwege dit belang slechts ontheffing kan worden verleend indien de aanleiding is gelegen in de schadehistorie ter plaatse en van het omringende gebied of de maximale populatieomvang in relatie tot de draagkracht van het gebied waarin de dieren zich bevinden.

Toelichting artikel 80 Flora- en faunawet

Een vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken indien:

a. de houder van een vergunning of ontheffing, nadat deze is verleend onherroepelijk is veroordeeld wegens een bij deze wet strafbaar gesteld feit of indien tegen hem deswege een strafbeschikking is uitgevaardigd;

b. de houder van een vergunning of ontheffing, nadat deze is verleend, onherroepelijk is veroordeeld wegens een feit strafbaar gesteld bij de Wet dieren voorzover het gedragingen als bedoeld in de artikelen 2.1, 2.2, 2.3, 2.5, 2.6, 2.7, 2.8, 2.9, 2.10, 2.13, 2.14 of 2.15 van die wet betreft, dan wel deswege hem een strafbeschikking is uitgevaardigd, of indien hij vervolging deswege heeft voorkomen overeenkomstig de bepalingen van artikel 74 van het Wetboek van Strafrecht of hem wegens overtreding van het krachtens de voornoemde artikelen van de Wet dieren bepaalde een bestuurlijke boete als bedoeld in artikel 8.7 van de Wet dieren is opgelegd;

c. de houder van een vergunning of ontheffing handelt in strijd met de hem verleende vergunning of ontheffing of met daaraan verbonden voorschriften;

d. de gegevens op grond waarvan de vergunning of ontheffing is verleend zodanig onjuist blijken te zijn dat, waren de juiste gegevens bekend geweest, een andere beslissing zou zijn genomen of

e. de omstandigheden sedert het tijdstip waarop de vergunning of ontheffing is verleend zodanig zijn gewijzigd, dat deze niet zouden zijn verleend indien deze omstandigheden op het tijdstip waarop zij zijn verleend zouden hebben bestaan.

[1] http://edepot.wur.nl/375783

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer