Bijdrage BE commissie Ziens­wijze lucht­vaartnota en mili­eu­meting RTHA


30 september 2020

De Partij voor de Dieren is het van harte eens met het statement dat de hinder omlaag moet. Terecht benoemt de zienswijze dat in de luchtvaartnota wel een gekwantificeerde groei-ambitie is opgenomen, maar dat de ambitie met betrekking tot het verbeteren van de leefomgeving en het welzijn van mensen zonder gekwantificeerd doel blijft. Dit ondanks het feit dat de luchtvaartnota stelt dat de luchtvaart alleen kan groeien als de hinder omlaag gaat. Wat de Partij voor de Dieren betreft kan de zienswijze er steviger invliegen. Wat betreft hinderbeperking dienen er duidelijke doelen gesteld te worden.

Groei zou ook geen ambitie mogen zijn. Als de luchtvaart hinder weet te beperken, maar vervolgens verder mag groeien, ben je snel weer terug bij af.

Waar wij het meeste moeite mee hebben in deze zienswijze is de onderschrijving van de inzet op innovatie om duurzaamheidsdoelstellingen te bereiken. De luchtvaart is een sector die niet alleen hinder veroorzaakt in de vorm van geluid aan omwonenden van vliegvelden, maar aan de planeet als geheel. De uitstoot van CO2 is de afgelopen decennia enorm toegenomen. Ongeveer 7% van de totale CO2 uitstoot in Nederland komt van de luchtvaart. De CO2 wordt ook nog eens op grote hoogte uitgestoten, wat schadelijker is: een factor 2,7 schadelijker om precies te zijn. Daarnaast stoot de luchtvaart 15% uit van de stikstofoxide uitstoot in Nederland.

De zienswijze zegt vrij vertaald: ga maar door met vervuilen, we verwachten dat innovatie de problemen straks wel oplost. Maar we zitten nu met een probleem. Met een klimaatcrisis. Met een milieucrisis. Bovendien gaat innovatie te langzaam. Veel oplossingen zijn op korte termijn niet haalbaar. Als we de afspraken van Parijs willen halen moet de impact van de luchtvaart in 2050 95% lager zijn dan in 1990. Dat betekent dat je de inzet op innovatie niet kunt verantwoorden. De zienswijze zou moeten pleiten voor een krimp van de luchtvaart en inzet op internationaal treinverkeer. Als gedeputeerde Vermeulen samen met andere provincies pleit voor beter internationaal treinverkeer bij de staatssecretaris, waarom kan dat pleidooi dan ook niet terugkeren in de zienswijze?

Gedeputeerde De Zoete heeft ook een toezegging gedaan om met een voorstel te komen om de dienstreisregeling van de provincie zo aan te passen dat bij reizen onder de 500km meer met de trein wordt gereisd en minder met het vliegtuig. Kan diezelfde visie niet gekopieerd worden naar vliegen in het algemeen en in deze zienswijze terugkomen: minder vliegen, meer inzetten op de trein. Want dat is echt hinder en vervuiling beperken.

Tot slot, de zienswijze heeft het over duurzaamheid en stelt onder andere: “Wij vinden het daarom belangrijk dat Schiphol in balans en op een duurzame en selectieve wijze wordt ontwikkeld.” Duurzaamheid betekent dat we voorzien in onze behoeften in evenwicht met wat de aarde aankan. De luchtvaart overschrijdt wat de aarde aankan en hopen dat innovatie de problemen oplost, is ook niet duurzaam. Het woord duurzaam op de manier gebruiken zoals in de zienswijze is een farce. Hoe ziet de gedeputeerde de betekenis van duurzaam? Is ze het eens met onze definitie? Dan zal ze ook moeten onderschrijven dat ze de zienswijze steviger moet invliegen: een zienswijze die krimp van de luchtvaart reflecteert. En anders moet ze het begrip duurzaamheid schrappen.

Milieumeting RTHA

Het rapport laat eens te meer zien hoe groot bijdrage van de luchtvaart is aan geluidhinder en andere vormen van vervuiling. Het laat zien hoeveel voordelen krimp van de luchtvaart heeft voor omwonenden en het milieu. We moeten geen groei willen van RTHA. Hoe minder vliegbewegingen, hoe meer zegeningen voor mens, dier, natuur en milieu.

Wat gaat de gedeputeerde met deze kennis doen?