Bijdrage RW commissie VTH nota 2024-2027


13 maart 2024

Partij voor de Dieren is blij met deze gelegenheid om in gesprek te gaan over de Nota VTH (vergunningverlening, toezicht en handhaving). We hebben vooral gekeken hoe en waar de provincie een rol kan spelen bij verbetering van de uitvoering van VTH-taken met als doel stevige bescherming van dier, natuur, milieu en gezondheid van inwoners. Zeker nu de Omgevingswet is ingetreden en gemeenten financieel onder druk staan, maar wel meer verantwoordelijkheden en kosten m.b.t. VTH-taken krijgen, bijvoorbeeld bij bodemzaken. Zo dreigen kwetsbare waarden te makkelijk het onderspit te delven. Dat terwijl dieren, natuur en milieu en gezondheid het in de praktijk nu al vaak moeten afleggen tegen commerciële belangen.

Omgevingsdiensten (OD’s) doen hun best om hun taken goed uit te voeren, maar hebben beperkte middelen. Er zijn recente onderzoeken en rapporten die erop wijzen dat OD’s onvoldoende toegerust zijn om de kwetsbare waarden die voor ons van levensbelang zijn goed te beschermen. Follow the Money publiceerde in 2020 een reeks artikelen over mogelijke kwetsbare punten bij OD’s en het VTH-systeem. In maart 2021 is door adviescommissie VTH onder leiding van Jozias van Aartsen het rapport ‘Om de leefomgeving: OD’s als gangmaker voor het bestuur’ uitgebracht over het functioneren van OD’s. Deze adviescommissie geeft aan dat er bij de Omgevingsdiensten in Nederland een structureel probleem is bij de uitvoering van VTH-taken. Het gebrek aan onder andere capaciteit en financiële middelen gaat ten koste van bescherming van de kwetsbare leefomgeving, zo luidt de conclusie. De invoering van de Omgevingswet maakt het werk van OD’s complexer.

In de Nota VTH lees ik dat het goed gaat met de OD’s en het VTH, maar is dat ook zo? OD’s staan bij de uitvoering van hun taken onder druk, met name door 3 oorzaken: de verwachting dat er de komende jaren een toename zal zijn van complexe aanvragen en toezichtdossiers, grote opgaven waaronder gezondheid en handen en voeten geven aan de juridische wijzigingen door de Omgevingswet en een tekort aan opgeleide mensen.

In het coalitieakkoord staat: ‘wij blijven inzetten op kwalitatief hoogwaardige taakuitvoering van milieu- en groene taken door de OD’s. Deze leveren een belangrijke bijdrage aan de verduurzaming van economie en een gezonde en veilige leefomgeving voor onze inwoners. Daar waar noodzakelijk pakken we als provincie zelf de regie om sturing te geven en nieuw beleid te ontwikkelen.’ Kan ik hieruit opmaken dat het college het met ons eens is dat transparantie en kwaliteit van VTH-taken voorop staat, en niet soberheid en zuinigheid, omdat goede bescherming van onze leefomgeving van levensbelang is voor een toekomstvast ZH? GS schrijft: “In sommige gevallen gaan wij in ons VTH-beleid verder dan de landelijke wettelijke verplichtingen.” Op welke punten? En waar ziet het college kansen voor een actieve rol van de provincie voor samenwerking met gemeenten en waterschappen in het versterken van de rol van de OD’s? Graag uw reactie.

We hebben in ZH lastige dossiers:
- een grote industriële sector en chemiesector in het haven industrieel complex in Rotterdam;
- het dossier van zeer zorgwekkende stoffen, waaronder Chemours, waar we later vanmiddag over gaan spreken;
- toezicht betreffende dierenwelzijn: controles van stallen: stalbranden. Toezicht op flora- en faunabeheer: Eén BOA die zich bezig moet houden met de veldcontroles, en de handhaving. Zijn de wettelijke voorgeschreven minimale regels over toezicht en handhaving misschien niet te beperkt voor de taken waar OD’s voor staan? Graag een reactie hoe het college dit beoordeelt.
- we zien ook kansen op lastige dossiers voor de provincie om mee te bewegen met bedrijven: zoals de asfaltfabriek in de Rotterdamse haven moet binnenkort investeringen gaan plegen zo bleek uit het werkbezoek. Er worden meer duurzame eisen gesteld aan de productie van asfalt. De Nota VTH stelt dat de provincie de stelregel hanteert dat alle milieubelastende activiteiten waarvoor GS bevoegd gezag is periodiek wordt beoordeeld en geactualiseerd dan wel aangepast aan de meest recente inzichten. Is het college bereid om gezamenlijk met bijvoorbeeld de asfaltfabriek op te trekken om deze eisen aan de investeringen van de fabriek te koppelen? Eigenlijk andersom.

Voorzitter, waterkwaliteit in Zuid-Holland baart ons zorgen. Onder de Omgevingswet hebben provincies en gemeenten meer vrijheid gekregen bij het opleggen van regels voor lozing van afvalwater. Bovendien verandert het principe ‘lozen is verboden, tenzij’ in ‘lozen mag, mits’. Dit staat op gespannen voet met de eisen aan waterkwaliteit van de KRW-doelen. In het artikel ‘Kwaliteit water extra onder druk door Omgevingswet’ van 24 november 2023, uit de Unie van Waterschappen haar zorgen. De kans wordt groter dat het waterbelang nog verder ondersneeuwt, vreest Sandra Reynaers van de Unie van Waterschappen. De bezorgdheid gaat met name om toezicht en handhaving op indirecte lozingen, die plaatsvinden op de riolering. Het gros van industriële lozingen betreft een indirecte lozing. De OD’s zijn, volgens Reynaers, voor het VTH afhankelijk van bestuurders, die prioriteiten en het budget vaststellen.

Tot slot voorzitter: versterking van OD’s en VTH is een politieke keuze. Is het college bereid om te verkennen of en zo ja hoeveel meer budget nodig is voor onder andere versterking, transparantie en opschaling van expertise bij OD’s?

Hanke Hoogerwerf
Statenlid Partij voor de Dieren
Provincie Zuid-Holland

Wij staan voor:

Interessant voor jou

Bijdrage BW commissie Instrumenten en versnelling woningbouw

Lees verder

Bijdrage LG commissie Voortgang Zuid-Hollands Programma Landelijk Gebied ZH-PLG

Lees verder

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer