Damherten in duin­gebied voorrang geven boven wegge­bruiker


4 juni 2007

Bijgaand persbericht is er gisteren uitgegaan:

Statenfractie Partij voor de Dieren in Zuid-Holland:

‘Damherten in duingebied voorrang geven boven weggebruiker’
Den Haag, 4 juni 2007 – Herten en reeën moeten in duingebieden voorrang krijgen boven weggebruikers. Het leefgebied van damhert en ree loopt door een natuurgebied wat is aangemerkt als ecologische hoofdstructuur. Het Rijks en Provinciaal beleid is gericht op ontsnippering door het slechten van de barrières in de vorm van rasters en wegen. De grote fauna krijgt hierbij voorrang ten opzichte van de weggebruiker.
Daarvoor moeten provincie en gemeenten in onderling overleg goede verkeersmaatregelen nemen. In dat geval is het niet nodig deze dieren af te schieten. Dat stelt de Statenfractie van de Partij voor de Dieren (PvdD) in Zuid-Holland.

Gedeputeerde Staten (GS) van Zuid-Holland hebben de provinciale Faunabeheereenheid een ontheffing verleend op grond van de Flora- en Faunawet om in het Zuid-Hollandse gedeelte van de Amsterdamse Waterleidingduinen een deel van de daar levende damherten af te schieten. De reden daarvan is dat er soms aanrijdingen plaatsvinden tussen herten en weggebruikers. Volgens de Flora- en Faunawet mogen de dieren niet worden afgeschoten, behalve als er geen andere oplossing is en de instandhouding van de soort niet in gevaar komt. Maar GS hebben de ontheffing toch verleend ‘in het belang van de openbare veiligheid en ter voorkoming van onnodig lijden van zieke en gebrekkige dieren’.

De Partij voor de Dieren (PvdD) in Zuid-Holland zet echter grote vraagtekens bij de ontheffing om damherten af te schieten. Allereerst omdat er in het genoemde gebied in de periode 1 april 2006 – 1 april 2007 slechts vijf aanrijdingen hebben plaatsgevonden tussen weggebruikers en damherten. Bij deze aanrijdingen vielen geen gewonden en ze hadden alle vijf plaats in oktober 2006, tijdens de bronsttijd. Volgens de milieupolitie van het korps Hollands-Midden zijn de aanrijdingen bovendien meestal te wijten aan te hoge snelheden waarmee met name tijdens de duisternis door het duingebied werd gereden. Vier van de vijf aanrijdingen vonden ’s ochtends vroeg plaats, toen het nog donker was.

Verder blijken er in het gebied waar de herten en reeën leven onvoldoende verkeersmaatregelen te zijn genomen om aanrijdingen te voorkomen. Zo zijn er op geen enkele weg snelheidsbeperkingen van kracht, staan er niet overal waarschuwingsborden en zijn de wél geplaatste wildspiegels vaak vervuild of verbogen, waardoor ze geen enkel effect sorteren.

De PvdD in Zuid-Holland vraagt GS dan ook om dergelijke maatregelen alsnog te nemen, al of niet in overleg met de gemeente(n) in het duingebied, die als wegbeheerder zijn aangewezen. Zeker als tijdens de bronsttijd extra maatregelen worden genomen, kunnen waarschijnlijk de meeste aanrijdingen tussen weggebruikers en damherten of reeën worden voorkomen. Een afschotvergunning is dan niet nodig.

In andere provincies zijn goede resultaten geboekt met verschillende verkeersmaatregelen. Daar komen aanrijdingen met herten soms helemaal niet meer voor, bijvoorbeeld door goede signaleringssystemen of een nieuw soort wildspiegels.

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief