Inzet steen­arend bij verjaging ganzen ongewenst


23 juli 2013

Den Haag, 23 juli 2013 – Het inzetten van een steenarend om ganzen te verjagen van landbouwgrond is ongewenst. Er is sprake van illegale handel in steenarenden en door ze ganzen te laten verjagen wordt dat in de hand gewerkt. In plaats van een steenarend kan er beter een robotroofvogel worden gebruikt, vindt de Partij voor de Dieren in Zuid-Holland.

De provincie Zuid-Holland heeft onlangs toestemming verleend om een steenarend in te zetten bij het verjagen van ganzen. Dat gebeurt om de schade die ganzen aanrichten aan landbouwgewassen te verminderen. De provincie is op zoek naar alternatieven voor het afschieten van ganzen. Daarom loopt er sinds vorig jaar in de buurt van Rotterdam een proef. Uit die proef zou blijken dat de inzet van een steenarend in een aantal gevallen effectief kan zijn bij het verjagen van ganzen.

Een belangrijk nadeel is dat de steenarend een in het wild levende en beschermde roofvogel is, die in dit geval door de mens gevangen wordt gehouden. Daar komt bij dat er sprake is van een omvangrijke illegale handel in dergelijke roofvogels. Door ze te gebruiken bij het verjagen van ganzen wordt dat in de hand gewerkt. Het bewijs dat een steenarend afkomstig is van kweek blijkt namelijk eenvoudig te vervalsen.

De Partij voor de Dieren in Zuid-Holland heeft over deze kwestie vragen gesteld aan Gedeputeerde Staten. De inzet van een steenarend is volgens de partij ongewenst omdat dat in strijd is met de Vogelrichtijn van de Europese Unie. In die richtlijn staat dat de steenarend een beschermde vogelsoort is. Dat werkt het risico van illegale handel in steenarenden alleen maar in de hand.

In plaats van een steenarend zou er beter een zogeheten robotroofvogel (‘robird’) kunnen worden ingezet. Een robotvogel vliegt zo natuurgetrouw dat andere vogels en instinctief vandoor gaan. De Partij voor de Dieren vraagt Gedeputeerde Staten daarom of ze bereid zijn dergelijke ‘vogels’ in te zetten voor het verjagen van ganzen.