Bouw kolen­cen­trale Maas­vlakte


Indiendatum: mrt. 2008

Toelichting

Milieuvervuiling door kolencentrales
Kolencentrales zijn erg milieuvervuilend. Het milieu dient een belangrijke maatstaf te zijn bij het investeren in energievoorziening. Steenkool levert een belangrijke (negatieve) bijdrage aan de klimaatverandering. Volgens het Internationale Energieagentschap (IEA) zullen, als de ontwikkelingen zo doorgaan, in 2030 43% van de CO2-emissies uit kolencentrales komen. De provincie Zuid-Holland is kwetsbaar voor de gevolgen van klimaatverandering. Juist daarom heeft ook deze provincie een belangrijke verantwoordelijkheid in het realiseren van een duurzame energievoorziening.

Nieuwe kolencentrales zorgen voor een grote extra CO2-uitstoot. Toch zijn energieproducenten van zins om op de Maasvlakte een nieuwe kolencentrale te bouwen. De eerst geplande kolencentrale (door E.ON Benelux N.V) heeft jaarlijks de CO2-uitstoot van 2 miljoen auto’s. Nederland heeft een opgave om in 2020 30% minder CO2 uit te stoten en ook de provincie Zuid-Holland draagt hierin een belangrijke verantwoordelijkheid.

Onderzoeksresultaten Greenpeace
Greenpeace heeft verschillende energie-onderzoeken uitgebracht waarin de organisatie aangeeft dat Nederland helemaal geen kolencentrales nodig heeft. Energiebesparing, duurzame energie en efficiënte aardgascentrales kunnen Nederland van veilige en betaalbare stroom voorzien. Kerncentrales zijn eveneens overbodig. Ook de gegevens van elektriciteitsnetbeheerder Tennet tonen aan dat Nederland zonder de bouw van kolencentrales meer dan genoeg stroom kan opwekken. Vanaf 2009 gaat Nederland volgens Tennet al stroomexporteur worden door de oplevering van een reeks windparken en centrales op aardgas en biomassa. De implementatie van CO2-afvang kan in 2020 niet voor voldoende CO2 zorgen, omdat de technologie nog in ontwikkeling is. Tal van niet afgedekte technologische, juridische, ecologische en economische risico’s belemmeren een snelle implementatie.

Onderzoek E.ON
E.ON heeft onderzoek laten doen naar de effecten van de kolencentrale op de omliggende natuur. Greenpeace heeft op zijn beurt dit onderzoek laten toetsen door het bureau Tonckens Ecologie. De gesignaleerde effecten van geluid van de centrale worden in het rapport, dat in opdracht van E.ON is opgesteld door ingenieursbureau Tauw, naar het oordeel van Greenpeace stelselmatig gebagatelliseerd. Wat de concrete bijdrage is van het gebruik van de centrale aan geluid in de omgeving wordt nergens afdoende inzichtelijk gemaakt, noch wat de reikwijdte van bestaande en toekomstige verstoring ten opzicht van beschermde soorten en habitattypen is.
Daarbij kan het geluid van de bouwwerkzaamheden volgens Greenpeace een verstorend effect hebben op Natura 2000 gebied Voordelta. De conclusies uit het TAUW rapport over geluid bij bouwwerkzaamheden zijn geheel gebaseerd op een rapport van Wijnia Noorman Partners (WNP). Greenpeace heeft de nodige kritiek op dit rapport. WNP heeft bijvoorbeeld niet onderzocht hoever geluid zich via het water in de Voordelta verspreid. Dit is echter van groot belang om te kunnen bepalen of zeehonden en vissen door bouwwerkzaamheden zullen worden verstoord. Uit een rapport van TNO blijkt dat geluid zich onder water over een afstand van kilometers kan verplaatsen (2007, TNO akoestisch onderzoek voor fundering kolencentrales in Eemshaven, p. 24).

Ook geeft het onderzoek van TAUW volgens Greenpeace en het onderzoeksbureau Tonckens Ecologie een verkeerd beeld over de effecten van de centrale op kwetsbare duingebieden.

Het onderzoek geeft een onjuist beeld van de effecten van stikstof en zwaveldepostie op de habitattypen in het Voornes Duingebied (onjuiste drempelwaarden stikstof gebruikt, effect van totale zuurdepositie niet bekeken). Waarschijnlijk is het effect van vermesting en verzuring groter dan uit het onderzoek in opdracht van EON naar voren komt. Dit betekent ook effecten op belangrijke soorten als de noordse woelmuis, groenknolorchis en nauwe korfslak, die in de duingebieden voorkomen.

Op basis van de bovenstaande toelichting wil de fractie van de Partij voor de Dieren Zuid-Holland de volgende vragen aan u voorleggen:

  1. Welke acties hebt u ondernomen om de bouw van kolencentrales op de Maasvlakte te voorkomen, gelet op de hoge milieuvervuiling, die een kolencentrale met zich meebrengt en de milieuopgave om de CO2-uitstoot in de provincie Zuid-Holland en in Nederland te verminderen?
  2. Welke acties hebt u, in het kader van het toewerken naar een schoner milieu in de provincie Zuid-Holland, ondernomen om energievermindering en duurzame vormen van energie-voorziening, zoals via wind, water en zon, te stimuleren?
  3. Bent u op de hoogte van de uitspraak van de Raad van State op 28 februari jl.¹ met betrekking tot de voorlopige voorziening die Greenpeace heeft verzocht, omdat Gedeputeerde Staten niet handhavend wilden optreden tegen niet-vergunde bouw-activiteiten en bouwvoorbereidende activiteiten van E.ON op de Maasvlakte? En waarom wilde GS niet handhavend optreden?
  4. Bent u van oordeel dat bouwvoorbereidende, bouwwerkzaam-heden en de exploitatie van de kolencentrale als één project moeten worden gezien? Zo nee, waarom niet?
  5. Waarom zijn Gedeputeerde Staten er eerder op teruggekomen dat E.ON voor de bouw van de kolencentrale een vergunning in het kader van de Natuurbeschermingswet nodig had?
  6. Bent u op de hoogte van de kritiek van Greenpeace op de methode waarmee door E.ON de schadelijke effecten van het bouwgeluid op onder andere zeezoogdieren, vissen, en vogels in de Voordelta is bepaald? Wat vindt u van deze kritiek?
  7. Bent u op de hoogte van de kritiek van Greenpeace en Tonckens Ecologie op hoe de schadelijke effecten van verzurende en vermestende uitstoot van de centrale is bepaald? Wat vindt u van deze kritiek?
  8. Bent u van mening dat nu opnieuw onderzoek moet worden uitgevoerd naar de effecten van alle activiteiten voor het project van E.ON, dat wil zeggen de effecten van zowel bouw-voorbereidende werkzaamheden, bouwwerkzaamheden en exploitatie van de centrale? Zo ja, op welke termijn? Zo nee, waarom niet?
  9. Bent u van mening dat nu opnieuw een vergunningaanvraag in het kader van de Natuurbeschermingswet moet worden gedaan door E.ON voor alle activiteiten voor het project van de kolencentrale, dat wil zeggen de effecten van zowel bouwvoorbereidende werkzaamheden, bouwwerkzaamheden en exploitatie van de centrale? Zo ja, op welke termijn? Zo nee, waarom niet?
  10. Bent u op de hoogte van het ecologisch onderzoek dat onderzoeksbureau TAUW in opdracht van E.ON heeft verricht naar de effecten van de E.ON kolencentrale op omliggende beschermde natuurgebieden, waaronder Voornes Duin (publicatiedatum: 21 december 2007) en kent u ook het onderzoek dat is uitgevoerd door Tonckens Ecologie, waaruit blijkt dat het onderzoek van TAUW allerlei onjuistheden en gebreken vertoond (publicatiedatum: 26 februari 2008)? Wat is uw mening hierover?
  11. Wat vindt u van de schade voor dieren en natuur, die de verzurende en vermestende uitstoot van de kolencentrale aanricht in onder andere het Voornes Duingebied? Welke actie bent u van plan hiertegen te ondernemen?
  12. Bent u op de hoogte van de problemen die tuinders in het Westland ondervinden bij het aansluiten van hoogefficiënte WKK-centrales (centrales met warmte-krachtkoppeling), omdat de kolencentrales van E.ON en Electrabel de netcapaciteit opslokken? Wat vind u hiervan?



¹http://www.raadvanstate.nl/uitspraken/zoeken_in_uitspraken/zoekresultaat/?zoeken_veld=greenpeace&verdict_id

=22767&utm_id=1&utm_source=Zoeken_in_uitspraken&utm_campaign=uitspraken&utm_medium=internet&utm

_content=200801058/1&utm_term=greenpeace

Indiendatum: mrt. 2008
Antwoorddatum: 18 mei 2008

Klik hier voor de antwoorden.

Interessant voor jou

CO2-opslag gemeente Barendrecht

Lees verder

Beleid afschotontheffing damherten bij schade ingevolge de Flora- en Faunawet ex artikel 68

Lees verder

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer