Schrif­te­lijke vragen bestrijden vossen met kunst­licht


Indiendatum: okt. 2013

SCHRIFTELIJKE VRAGEN

Aan : Gedeputeerde Staten

Datum : 14 oktober 2013

Onderwerp : Schriftelijke vragen bestrijden vossen met kunstlicht

Toelichting

In de ontheffing ODH-2013-6499 verleent de Omgevingsdienst Haaglanden toestemming aan de Wildbeheereenheid IJsselmonde voor het doden van vossen met een geweer met behulp van kunstlicht omdat de vossen schade zouden aanrichten aan flora en fauna.

Schade aan pluimvee kan voorkomen worden door goede voorzorgsmaatregelen te treffen, door bijvoorbeeld de dieren te houden in een een goed afgesloten ren of volière en de dieren ’s-nachts op te hokken in een goed afgesloten nachthok van stevig en fijn gaas.

In het oosten van het land worden goede resultaten geboekt met vangkooien. De vossen worden gevangen en elders weer uitgezet, waardoor de overlast vermindert.

Naar aanleiding van deze ontheffingverlening wil de Partij voor de Dieren de volgende vragen aan u voorleggen.

Vragen

1. Wat is de specifieke schade (per jaar van de afgelopen 3 jaar) die de vossen in dit specifieke gebied veroorzaken en op welke wijze is dit vastgesteld?

1a. Hoeveel pluimvee, grondbroeders en kleine zoogdieren zijn er door een vos gedood en hoe is (vakkundig) vastgesteld dat het door een vos deze dieren heeft gedood en niet bijvoorbeeld een marter, hond of een ander roofdier?
1b. Hoeveel euro’s bedraagt de materiële schade aan vee?
1c. Wat is de specifieke schade aan de primaire waterkering langs de Oude Maas en wat kost het om deze schade te herstellen?

2. Zijn er voorzorgsmaatregelen genomen om schade aan pluimvee te voorkomen? Zo nee, waarom kiest u dan niet voor deze oplossing? Zo ja, welke voorzorgsmaatregelen zijn er genomen en waarom waren deze niet effectief?
3. Kunt u aangeven waarom vangkooien niet effectief zijn, temeer daar elders in het land hier goede resultaten mee worden geboekt?
4. De ontheffing is geldig tot 15 maart 2015. In die tijd worden er al jong vossen geboren en zijn er al veel vossen drachtig. Heeft u hier rekening mee gehouden? Zo nee, waarom niet en wat vindt u ervan dat drachtige vossen en vossen met jongen kunnen worden gedood?
5. In de ontheffing wordt gesuggereerd dat verstoringsafstand van 5 meter van een auto met verlichting en een schijnwerper en dat binnen 15 minuten de nesten weer bezet zijn. Bioloog Albert Beintema, oud medewerker van Alterra, heeft in de ecologische atlas voor weidevogels aangegeven dat de verstoring veel langer duurt, namelijk 60 minuten. Bent u met ons van mening dat er als gevolg van de ontheffingverlening sprake is van ernstige verstoring van beschermde dieren en dat dit juist voorkomen moet worden? Zo ja, wat gaat u hieraan doen? Zo nee, waarom niet?
6. Waarom is de ontheffing geldig voor de gehele Wildbeheereenheid, aangezien dit een ernstige verstoring voor de overige beschermde dieren in het gebied met zich meebrengt?
7. Is er door de omgevingsdienst Haaglanden alleen een papieren controle uitgevoerd bij de beoordeling van de schade en het belang van de openbare veiligheid voorafgaande aan de vergunningverlening of is er een veldcontrole geweest? Zo nee, waarom is er geen veldcontrole uitgevoerd? Zo ja, wat was daarvan de uitkomst?
8. Een ontheffing moet worden verleend op basis van een van een goedgekeurd en geldig Faunabeheerplan, dat wettelijk niet langer dan vijf jaar geldig mag zijn. Is dat het geval ten aanzien van deze ontheffingverlening? Zo nee, wat gaat u hieraan doen?
9. De vos is een natuurlijke vijand van de gans. Bent u met ons van mening dat de vos op een natuurlijke manier kan bijdragen aan het in evenwicht brengen van de ganzenpopulatie? Zo nee, waarom niet?
10. Kent u het rapport van SOVON Vogelonderzoek (Overzomerende ganzen in Nederland: Grenzen aan de groei?) en de conclusie dat vossen grote delen van potentieel broedgebied voor ganzen ongeschikt kunnen maken? Bent u bereid om ontheffingen voor het doden van vossen vanuit dit oogpunt in de toekomst meer kritisch te beoordelen? Zo nee, waarom niet?
11. Welke andere alternatieven dan drijfjacht zijn onderzocht om tot een andere oplossing te komen dat het doden van dieren? Zo ja, welke en kunt u zo specifiek mogelijk aangeven waarom die niet bevredigend zijn? Zo nee, waarom niet?
12. In de ontheffing staat dat uit tellingen de conclusie is getrokken dat er circa 30 vossen leven in dit gebied. Hoe verhoudt dit aantal zich met voorgaande jaren?
13. In de ontheffing staat niet vermeld hoeveel vossen er gedood mogen worden. Betekent dit dat het totale aantal van 30 gedood gaat worden? Zo nee, hoeveel vossen worden er dan gedood en wat is in dat geval het effect voor de openbare veiligheid: de primaire waterkering langs de Oude Maas? Zo ja, kunt u zo specifiek mogelijk aangeven welk effect?
14. Is de provincie ervan op de hoogte dat het doden van vossen vooral de aanwas van vossen stimuleert en dat de verliezen dus snel zullen worden gecompenseerd? Zo ja, in hoeverre kan het doden van vossen dan als een ‘bevredigende oplossing’ worden beschouwd?

A.H.K. van Viegen

Fractievoorzitter Partij voor de Dieren

Provinciale Staten Zuid-Holland

Indiendatum: okt. 2013
Antwoorddatum: 18 okt. 2013

Klik hier voor de antwoorden.

Help mee aan een betere wereld

    Word lid Doneer