Bijdrage KNM commissie stand van zaken Mees­lou­werplas


17 februari 2021

Bijdrage stand van zaken Meeslouwerplas

De Partij voor de Dieren adviseert GS met klem om het verzoek van de natuurorganisaties voor een onafhankelijk onderzoek naar de kwaliteit van de bagger op de bodem van de Meeslouwerplas in te willigen, gezien de vele zwaar vervuilende stoffen, zoals asbest en arseen, die in de plas zijn aangetroffen. Graag een reactie. Afhankelijk van de reactie, zullen we, graag in overleg met andere fracties, een motie indienen om dit onafhankelijke onderzoek uit te laten voeren. Want door een gemiddelde waterkwaliteit te bepalen wordt plaatselijke vervuiling onzichtbaar in het onderzoek. Op dit moment lijkt het onderzoek niet opgezet om de echte en complete gevolgen van de stort van bagger boven water te halen. Het is belangrijk dat de kwaliteit van het slib wordt onderzocht en ook het effect van het afdekken van de sliblaag, zeker wanneer de plas weer open gaat voor recreatie. Het is belangrijk dat de maatregelen voor het afdekken van vervuild slib niet juist voor meer vervuiling zorgen door het loswoelen van de vervuilde bagger.

Verder vindt de Partij voor de Dieren dat de grondwatermonitoring nu echt opgestart moet worden om zo te bepalen of de vervuiling van de plas de omgeving door de jaren heen heeft vervuild.

De vervuiling heeft gevolgen voor het onderwaterleven. Daarom zou ook een ecologisch onderzoek opgezet moeten worden om te kijken hoe het ecosysteem van de plas hersteld kan worden. Waarbij aan de hand van biodiversiteit metingen, interviews met omwonende over de vroegere biodiversiteit en overleg met ecologen een herstelbeleid uitgedacht kan worden. Het afdekken of onttrekken van de vervuiling resulteert namelijk niet direct in herstel van het ecosysteem en de oorspronkelijke biodiversiteit.

Misschien kan er een samenwerking gezocht worden met de Universiteit Leiden. Op dit moment is er een tekort aan stage plekken voor studenten, waardoor deze in duo's aan hetzelfde onderzoek moeten werken. Door deze studenten aan deze onderzoeken te koppelen, biedt dit, naast het uitvoeren van deze onderzoeken van maatschappelijk belang, de mogelijkheid voor de studenten zich te ontwikkelen.

Tot slot ben ik benieuwd naar het onderzoek dat heeft geleid tot het intrekken van een negatief meeneemadvies van Sportvisserij Zuidwest Nederland, omdat ik dit nergens kan vinden. Ik trek sowieso mijn twijfels bij dit onderzoek, omdat hoewel de vis onder de maximale waarden voor arseenconcentratie in bijvoorbeeld rijst zat, er nog steeds arseen gevonden werd. Zoals blijkt uit het advies op https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/arseen.aspx, om kinderen niet elke dag rijst te geven en rijst goed af te spoelen, is ook een lage concentratie arseen schadelijk voor de gezondheid. Verder wordt het arseen in rijst deels met het kookwater weg gespoeld, terwijl het arseen in het vetweefsel van een vis volledig door ons wordt opgenomen. Ik hoop dat de provincie een advies aan Sportvisserij Zuidwest Nederland willen geven voor het herstellen van het negatief meeneemadvies.

Carla van Viegen
Partij voor de Dieren