Bijdrage KNM commissie Uitvoe­rings­agenda Klimaat­adap­tatie en gifge­bruik agra­rische natuur­beheer


21 april 2021

Bijdrage uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie

In de uitvoeringsagenda Klimaatadaptatie gaat het over de aanpak van de gevolgen van de
klimaatverandering. Maar belangrijker nog is de aanpak van de oorzaken.

In een media bericht van afgelopen maandag stond het volgende: VN-secretaris-generaal Antonio Guterres zegt over klimaatverandering het volgende: ‘De wereld staat aan rand van de afgrond’ In een afgelopen maandag gepubliceerd rapport van de Verenigde Naties staat dat 2020 een van de drie warmste jaren ooit gemeten is. Volgens Guterres toont het rapport aan dat er “geen tijd is om te verspillen” om de doelstellingen van het klimaatakkoord van Parijs te halen. Hij vindt dat landen direct actie moeten ondernemen om mensen te beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering. “Het klimaat verandert en de impact is nu al te kostbaar voor mens en planeet. Dit is het jaar van actie.”

Oorzaken

De klimaatcrisis dient daadwerkelijk als een crisis behandeld te worden. Ons huis, onze aarde, staat in brand. Om deze brand te blussen is het nodig om de uitstoot van broeikasgassen zo snel mogelijk te reduceren. Het doel van de Klimaatwet 1.5 is daarom dat Nederland zo snel mogelijk een zo groot mogelijke bijdrage gaat leveren aan het voorkomen van een verdere opwarming van de Aarde. Niet alleen klimaatadaptie, dus de gevolgen van klimaatverandering aanpakken, maar ook de oorzaken en dat gebeurt nog steeds te weinig!

Er is nog te weinig urgentiegevoel bij veel politieke partijen hoe ernstig de situatie is en dat we de laatste generatie zijn, die het tij kunnen keren! En dat moet de hoogste prioriteit krijgen!

De biodiversiteits- en klimaatcrisis moeten we in samenhang aanpakken. De belangrijkste maatregel om deze crises te keren is het verkleinen van onze ecologische voetafdruk. Dit vraagt om een allesomvattende aanpak: één waarbij de biodiversiteitsmaatregelen gecombineerd worden met klimaatplannen. Door een duurzame verandering in de voedselproductie, het verminderen van ons energiegebruik en een reductie in het gebruik van grondstoffen, het consuminderen, kunnen we de oorzaak aanpakken!

Aanpak gevolgen

Dan de provinciale aanpak van de gevolgen wat nu voorligt. De Partij voor de Dieren ziet een aantal goede voorstellen, zoals:

  • realiseren van meer natuuroppervlak, bos en bomen en natuur van betere kwaliteit;
  • versterken van beschikbare natuurgebieden als klimaatbuffer voor de omgeving;
  • mogelijk maken van hoger waterpeil in veenweidegebieden;
  • stimuleren van ondergronds vasthouden van regenwater en zoet (grond-)water;
  • beleid en regelgeving t.a.v. voorkomen van wateroverlast, toekomstbestendige waterveiligheid, duurzame drinkwater- en zoetwatervoorziening en aanpak bodemdaling.

Ook het stimuleren van groene daken op en drinkwatertappunten (als alternatief voor frisdrank en wegwerp plastic) bij OV-haltes in Zuid-Holland juichen we toe! Evenals het vergroenen van bedrijventerreinen, iets waar de Partij voor de Dieren al jaren voor pleit!

En de klimaatstresstest en monitoringssysteem specifiek voor het groene erfgoed van kastelen, buitenplaatsen en landgoederen, die in 2020 is gestart. We zien de uitkomsten ervan graag tegemoet. De klimaatadaptieve fieldlabs en proeftuinen en het klimaatadaptief bouwen kunnen een goede bijdrage leveren aan het beperken van de gevolgen van de klimaatverandering.

Meer natuur

Verslechtering van waterkwaliteit, verzilting, hittestress en toenemende druk door recreatie zijn een aantal punten waarop onze duin-, delta- en veenweidenatuur kwetsbaar is voor klimaatverandering. Bijzondere soorten kunnen daardoor verdwijnen en de biodiversiteit in Zuid-Holland neemt af. Investeren in meer natuur en meer bos en bomen is een must en daar moet volop worden ingezet!

Tegengaan bodemdaling

De Partij voor de Dieren vindt dat de inzet op het tegengaan van bodemdaling versterkt moet worden. Dat is nu te weinig en gaat te langzaam. De agrarische belangen voeren nog teveel de boventoon, terwijl andere belangen het onderspit delven, zoals de toenemende CO2 uitstoot, de natuur en de ernstige gevolgen van bodemdaling, zoals in Gouda.

Vanaf de vaststelling van ons nieuwe omgevingsbeleid, is toekomstbestendig bouwen (met klimaatadaptief als onderdeel daarvan) de kwalitatieve norm voor nieuwe woningen, zo staat er. We vragen ons af hoe het woningbouwproject voor nieuwe woningen in de Zuidplaspolder zich verhoudt tot de klimaatadaptatie. Dit is namelijk het laagstgelegen punt van Nederland en het lijkt ons niet verstandig om juist daar woningen te gaan bouwen. Graag een reactie van de gedeputeerde.

Duurzaamheidsambasadeur

De PvdD ondersteunt het instellen van een duurzaamheidsambassadeur als onderdeel van het versnellingsprogramma Weerkrachtig Zuid-Holland. Dit was mijn bijdrage voor de eerste termijn. Dank u wel.

Bijdrage Gifgebruik agrarisch natuurbeheer

We vinden het een zeer verstandig en goed besluit van GS om geen landbouwgif meer te gebruiken bij het agrarisch natuurbeheer! Willen we onze natuur versterken en de biodiversiteit verbeteren, dan is het noodzakelijk en onontkoombaar om geen gif meer te gebruiken bij agrarisch natuurbeheer en de natuur weer een kans te geven!

Waterkwaliteit

Daarnaast is het noodzakelijk voor het verbeteren van de waterkwaliteit. Het Planbureau voor de Leefomgeving heeft in een rapport (2019) aangegeven dat het landbouwgif zelfs onze drinkwatervoorziening bedreigt. Het is voor de drinkwaterbedrijven steeds moeilijker om de kwaliteit van het drinkwater goed te krijgen en het gif eruit te filteren!

Schadelijke gevolgen natuur

We weten allemaal hoe schadelijk gif als Round Up is voor de insectenstand, die in korte tijd 75% is afgenomen en daardoor de schadelijke gevolgen voor de weidevogels, die geen voedsel meer hebben! In plaats van gifgebruik, bloemrijke graslanden en bloemrijke akker- en weilandranden en een rijk ecosysteem. Dat is niet alleen goed voor de natuur en de weidevogels, maar ook vanuit landschappelijk oogpunt veel aantrekkelijker dan de groene woestijnen van Engels raaigras waar niets meer bloeit!

Risico’s voor de mens

Het is niet alleen schadelijk voor de natuur maar ook voor mensen. Omwonenden van landbouwpercelen lopen het risico te worden blootgesteld aan gifstoffen. Wetenschappelijk is aangetoond dat mensen, die in de omgeving van dergelijke gebieden wonen, een grotere kans hebben op de ziekte van Parkinson en ook de Gezondheidsraad waarschuwt voor deze risico’s. Boeren die met bepaalde pesticiden werken, hebben tot wel 60 procent meer kans op de ongeneeslijke hersenziekte, volgens wetenschapper Roel Vermeulen.

In de teelt, zoals de bloemen- en bollenteelt, worden veel giftige bestrijdings- en ontsmettingsmiddelen gebruikt. Mensen die in de buurt wonen worden vaak niet beschermd en zelfs niet geïnformeerd over de middelen die op deze landbouwpercelen worden gebruikt. Kinderen en volwassenen kunnen zo ongevraagd met gif in aanraking komen, waardoor hun gezondheid in gevaar komt. En daarom moeten we er van af! In het belang van de gezondheid van mens en dier!

Ecologische gewasbescherming

De weidevogels nemen nog steeds sterk af en roofdieren zijn volgens de agrariërs daar de oorzaak van. Echter niets is minder waar! De balans tussen natuur en het boerenbedrijf is momenteel veelal ver te zoeken. Door de intensivering van de landbouw en het massale gifgebruik is de natuur, inclusief de weidevogels, in de agrarische gebieden de afgelopen decennia sterk afgenomen. De oplossing is extensivering, natuurinclusieve en biologische landbouw.

Alternatief

En als we het al over gewasbeschermingsmiddelen hebben, dan hebben wij het over ecologische gewasbeschermingsmiddelen. Bloemrijke akkerranden of andere biodiverse landschapselementen waarin bestuivers en natuurlijke vijanden goed gedijen kunnen agro-ecosystemen weerbaarder maken tegen plagen. Een gezonde bodem met de juiste micro-organismen voorkomt bodemplagen en stimuleert ontwikkeling van resistentie tegen ziekten en plagen. Cultuurmaatregelen zoals beperking van de teelt van een gewas tot locaties met een gering risico van optreden van een plaag, vruchtwisseling, mengteelten, zorgen voor een gezonde bodem, bedrijfshygiënische maatregelen, aanpassing van de perioden van zaaien en oogsten. En vooral ook ontwikkeling en gebruik van eco-systeemdiensten in plaats van eenzijdige concentratie op maximalisatie van productie is een noodzakelijke transitie.

De provincie zou kunnen investeren in voorlichting over ecologische gewasbescherming en het voorkomen van onkruidvorming. Er is nog maar zelden een inventarisatie gemaakt over de bijdrage die ecosysteemdiensten leveren aan het voorkomen van ziekten, plagen en onkruiden, aan bestuiving, aan waterzuivering en aan bodemverbetering in de landbouw. Zulk maakt duidelijk hoe en welke plagen kunnen worden voorkomen en welke pesticiden natuurlijke vijanden, bestuivers en bodemverbeterende organismen het meest verstoren. Nu is door jarenlange frequente toepassing van pesticiden het functioneren van ecosysteemdiensten in belangrijke mate gefrustreerd, wat jaarlijks in miljarden euro’s verlies resulteert. Dus college, chapeau voor deze goede stap in de richting die noodzakelijk is!

Carla van Viegen
Partij voor de Dieren