Schrif­te­lijke vervolg­vragen Honing­kasten nabij Biesbosch


Indiendatum: 10 dec. 2021

Toelichting

We hebben de antwoorden ontvangen over de plaatsing van bijenkasten in en rondom de Biesbosch nr. 3794, d.d. 30 november 2021, waarvoor dank!

Toelichting vraag 4:

In antwoord op Tweede Kamervragen d.d. 15 oktober 2019[1] worden op de volgende vragen antwoord gegeven dat de provincie verantwoordelijk is:

Vraag 5
Kunt u de opmerking van de boswachter dat er «totaal geen regulering is» duiden in het kader van uw wettelijke verplichting het behoud en herstel van de Nederlandse natuur te bevorderen en de door u onderschreven doelstellingen uit de Nationale Bijenstrategie om in 2030 weer populaties van bijen (en andere bestuivers) te hebben die stabiel zijn en/of zich positief ontwikkelen?
Antwoord 5
Het klopt dat er rondom de Biesbosch geen regulering is. Mocht regulering noodzakelijk zijn, dan zijn de betreffende terreinbeherende organisaties, provincies en gemeenten daarvoor verantwoordelijk. In de Nationale Bijenstrategie zet ik samen met maatschappelijke partners in op 1) het bevorderen van de biodiversiteit, 2) het verbeteren van de wisselwerking tussen landbouw en natuur en 3) het helpen van imkers om de gezondheid van de honingbij te verbeteren.

Vraag 6
Kunt u uitleggen waarom het huidige vergunnings- en handhavingssysteem, binnen en buiten de grenzen van de Biesbosch, kennelijk niet werkt?
Antwoord 6
Binnen de Biesbosch gelden de richtlijnen zoals door Staatsbosbeheer voorgeschreven. Plaatsing van honingbijenkasten buiten de grenzen van het natuurgebied valt onder de verantwoordelijkheid van de provincies en gemeenten. Gemeenten kunnen in gemeentelijke algemene plaatselijke verordeningen (APV’s) richtlijnen opnemen, zodat per gebied kan worden bezien welke aanpak het beste is.

Vraag 9
Deelt u de mening van de boswachter dat de situatie zo niet langer houdbaar is?
Antwoord 9
In dit specifieke geval begrijp ik de mening dat de situatie zorgwekkend is. Het is aan de provincie en gemeenten om een eventuele oplossingsrichting te bepalen.

Vraag 10
Bent u bereid om in te grijpen? Zo ja, wanneer? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 10
De verantwoordelijkheid hiervoor ligt bij provincies, gemeentes (in bijvoorbeeld APV’s) en bij de terreinbeherende organisaties. We zullen de partijen wijzen op deze problematiek.

Naar aanleiding van deze toelichting legt de Partij voor de Dieren de volgende vragen aan u voor

Vragen

1. Op vraag 3 ‘Deelt u het inzicht dat er beleid moet worden opgesteld voor het plaatsen van honingbijkasten nabij Zuid-Hollandse Natura 2000-gebieden en nabij Zuid-Hollandse natuurgebieden, waar zich beschermde bestuivende en nectarbehoevende insecten bevinden, omdat de natuur niet verder mag verslechteren – met graag een afzonderlijke reactie voor Natura 2000-gebieden, respectievelijk natuurgebieden? Zo nee, waarom niet?’ wordt geantwoord: ‘Het onderzoek laat zien dat statistisch gezien te verwachten is dat het plaatsen van honingbijkasten in de nabijheid van Natura 2000 gebieden effect heeft op de wilde bestuivers in het Natura 2000 gebied. In dat geval raakt dat aan de taken en bevoegdheden van de provincie op de grond van de Wet natuurbescherming. Hieraan besteden wij aandacht in het handelingsperspectief (zie vraag 2) dat we nu aan het ontwikkelen zijn en op basis waarvan beleid zal worden opgesteld. In veel gevallen (in relatie tot de afstand van het (Natura 2000) natuurgebied) zullen honingbijkasten geen aantoonbaar effect hebben op (Natura 2000) doelstellingen. In die gevallen is reguleren van het plaatsen van honingbijkasten primair een bevoegdheid van de desbetreffende gemeente. Daarom ontwikkelen wij het handelingsperspectief ook met deze gemeenten.’

Kunt u uitleggen hoe de vele honingbijkasten statistisch wel een effect op de wilde bestuivers, waaronder de ernstig bedreigde zandhommel, in het Natura 2000 gebied de Biesbosch kunnen hebben, maar niet aantoonbaar is dat de vele honingbijkasten een effect hebben op de Natura2000 doelstellingen?

2. Op vraag 9 ‘Is het mogelijk dat op provinciale gronden in de regio van de Biesbosch aan agrarische ondernemers grond wordt verpacht, waarop honingbijkasten staan? Zo ja, kunt u aangeven of en waar dit voorkomt?’ wordt geantwoord: ‘In de pachtovereenkomsten (in heel provincie Zuid-Holland) is geen onderdeel opgenomen over honingbijkasten. Er wordt daarom ook niet gecontroleerd op de aanwezigheid van honingbijkasten. Het is het daarom niet bekend of er honingbijkasten op de gronden staan.’

Deelt u onze mening dat het van belang kan zijn om te weten of en zo ja hoeveel bijenkasten er op provinciale gronden staan? Zo nee, waarom niet?

3. Bent u bereid om in relevante gebieden in de pachtpakketten voor provinciale gronden ook maatregelen te treffen voor het plaatsen van bijenkasten? Zo nee, waarom niet? Zo ja, aan welke maatregelen denkt u dan?

4. Zie Toelichting. Het Rijk geeft in antwoord op vragen aan dat de provincie bevoegd en verantwoordelijk zijn om maatregelen te treffen. Welke maatregelen gaat u treffen om de wilde bij beter te beschermen? En gaat u hierover in overleg met gemeenten en terreinbeherende organisaties? Zo nee waarom niet? Zo ja, wanneer en kunt u ons berichten over de uitkomsten van dit overleg? Zo nee, waarom niet?

Carla van Viegen
Fractievoorzitter Partij voor de Dieren
Provinciale Staten Zuid-Holland

[1]https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/kamervragen/detail?id=2019D40881&did=2019D40881

Indiendatum: 10 dec. 2021
Antwoorddatum: 11 jan. 2022

Klik hier voor de antwoorden.